Wat is het risico?

Met fysieke belasting doelen we op het belasten van het lichaam. 90% van de medewerkers in het taxivervoer is chauffeur. Deze groep heeft te maken met het tillen, dragen en neerzetten van bagage. En met het duwen, trekken en vastzetten van rolstoelen en ondersteunen van passagiers. Ook zitten achter het stuur is een werkhouding die fysieke belast. Deze kenmerken van het werk van de taxichauffeur maken dat chauffeurs een hoger risico lopen op rugletsel of andere lichamelijke klachten.

Lichamelijke klachten aan spieren en gewrichten ontstaan door een combinatie van belastende factoren. Bijvoorbeeld het tillen van bagage in een slechte werkhouding. Het vastzetten van een rolstoel in een ongunstige houding waarbij tegelijk veel kracht geleverd wordt. Of het langdurig zitten achter het stuur. Klachten aan rug, nek, schouder en armen, elleboog, hand en pols, heupen, knien en voeten kunnen het gevolg zijn.

Wat zijn de normen en richtlijnen? 

Iedere werkgever moet volgens de Arbowet (artikel 3.1 en 8) en het Arbobesluit (artikel 5.4 en 5.5) zorgen voor:

  • een goede inrichting van de werkplek;
  • de juiste hulpmiddelen om lichamelijke overbelasting te voorkomen;
  • en voorlichting over het voorkomen van lichamelijke klachten.

Voor het taxivervoer zijn deze vereisten vertaald in de Praktijkrichtlijnen fysieke belasting. Taxibedrijven die zich aan deze richtlijnen houden, hebben minder kans op lichamelijke klachten onder hun personeel.

 Naar boven