Normering rijtijd


Zodra het nieuwe schooljaar weer begint, zullen taxibedrijven die leerlingen vervoeren de normtijd voor de routes vast willen stellen. De normering van de rijtijd is een vast aantal uren voor de schoolroute. De normering wordt stapsgewijs bepaald.

Volgens artikel 2.1.5 van de CAO kan bij taxivervoer waarbij personen die tot een beperkte groep behoren en volgens een schema op regelmatige tijden voor de duur van minimaal zes maanden worden vervoerd, de rijtijd worden genormeerd. De normering vindt in dat geval plaats volgens onderstaande methode:

  1. De werkgever bepaalt in eerste instantie de normtijd; vaak is deze gebaseerd op een routeplanner, waarbij de te rijden route is ingevoerd.
  2. Gedurende veertien dagen na aanvang van de werkzaamheden zal de werknemer dagelijks de tijd gemoeid met het rijden van de route noteren of via in het voertuig beschikbare meetapparatuur laten registreren. De tijd die is besteed aan andere werkzaamheden, waaronder tanken en schoonmaken, wordt niet genormeerd en dient afzonderlijk als arbeidstijd te worden geteld.
    Als voorbeeld van de rijtijd, zie onderstaand overzicht:

     datum  van  tot ochtend-uren  van  tot middag-uren   totaal
     maandag
     6-9-2010
     7:30  9:05  1:35  14:30  16:05  1:35  3:10
     dinsdag
     7-9-2010
     7:30  9:02  1:32  14:30  15:58  1:28  3:00
     woensdag 
     8-9-2010
     7:30  8:50  1:20  11:30  12:53  1:23  2:43
     donderdag
     9-9-2010
     7:30  9:10  1:40  14:30  15:55  1:25  3:05
     vrijdag
     10-9-2010
     7:30  9:07  1:37  14:30  15:55   1:25  3:02
     maandag
     13-9-2010
     7:30  9:00  1:30  14:30  16:00  1:30  3:00
     dinsdag
     14-9-2010
     7:30  9:05  1:35  14:30  15:55 1:25    3:00
     woensdag
     15-9-2010
    7:30    8:58  1:28  11:30  12:50 1:20    2:48
     donderdag
     16-9-2010
     7:30  9:05  1:35  14:30 16:05    1:35  3:10
     vrijdag
     17-9-2010
     7:30  9:00  1:30  14:30  16:02  1:32  3:02
                 totaal  30:00
          
    In dit voorbeeld is de instructie vanuit de werkgever geweest om ’s ochtends om 7:30 uur en ’s middags om 14:30 uur (woensdag 11:30 uur) vanaf huis te vertrekken.
  3. Op basis van de uitkomsten van de onder 2 gehouden meting wordt de definitieve normtijd vastgesteld; in het voorbeeld is dat drie uur per dag (30 uur gedeeld door tien dagen). Als werkgever en werknemer hiermee akkoord gaan, wordt de normtijd schriftelijk vastgelegd en door beide partijen ondertekend; de definitieve normtijd gaat vervolgens onmiddellijk in. Voor de arbeidstijdberekening wordt de nieuwe normtijd gehanteerd vanaf de datum van aanvang van de procedure.
  4. In geval van structurele wijzigingen die van invloed zijn op de tijdsduur van de vervoerroute wordt de procedure onder 1 t/m 3 herhaald. Een structurele wijziging kan bijvoorbeeld inhouden dat een extra leerling gaat meerijden of dat er sprake is van een (tijdelijke) wegomlegging, waardoor de route langer wordt.

Discussie tussen werkgever en werknemer

In de praktijk komt het voor dat er discussie over de normtijd ontstaat tussen werkgever en werknemer, bijvoorbeeld vanwege een verschil tussen de door werkgever onder 1 bepaalde normtijd en de door werknemer onder 2 geregistreerde tijd.
Het kan zijn dat de route drukker is, waarmee de routeplanner geen rekening houdt. Aan de andere kant komt het voor dat de werknemer bijvoorbeeld ’s ochtends op school blijft hangen voor een bakje koffie of ’s middags eerder van huis vertrekt om eerder bij de school te zijn voor een praatje met een collega of het roken van een sigaret. De tijd die hiermee gemoeid is, is geen arbeidstijd. Van belang is dan ook dat de werknemer de rijtijden en pauzes apart vermeldt voor een juiste administratie.

Afspraak CAO-partijen bij discussie over normtijd

Bij discussie over de normtijd is door CAO-partijen afgesproken dat de werkgever een tweede persoon voor één dag met desbetreffende werknemer laat meerijden. Daarnaast registreert ook de werknemer die dag de tijd gemoeid met het rijden van de route of hij laat dat via in het voertuig beschikbare meetapparatuur registreren. Na afloop bespreken werkgever en werknemer deze resultaten en komen gezamenlijk tot een normtijd. Dit wordt dan schriftelijk vastgelegd en door beide partijen ondertekend.

 Naar boven